Hoi! Ik ben Melissa (links op de foto) en ik speel 2e klarinet bij KHOK. Meedoen aan een concours is altijd spannend en vraagt net dat beetje extra, maar juist dat maakt het zo leuk: je leeft er als vereniging echt samen naartoe. Het WMC is voor mij daarbij éxtra speciaal. Het is een uniek en prachtig evenement en voelt een beetje als een thuiswedstrijd in ons mooie Kerkrade.
Mijn voorbereiding? Veel thuis repeteren — op zich al een hele prestatie voor mij, haha. Ik denk dat mijn buren stiekem aftellen tot het WMC voorbij is en ze weer eens wat anders horen. Daarnaast zorg ik dat ik overal bij aanwezig ben: repetities, extra repetities en concerten ( zelfs als je ziek bent en er de schijt van krijgt). Als je meedoet, ga je er ook gewoon 100% voor.
De repetities zijn natuurlijk de basis. Als iedereen z’n verantwoordelijkheid neemt, merk je meteen dat het beter gaat. En ja, soms krijgen we een stevige speech van de dirigent — hoort er ook bij. Dan weet je: “tandje erbij!” Maar het mooiste vind ik toch om te horen hoe we samen groeien. Van een eerste doorspeelrepetitie tot het moment dat een stuk echt tot leven komt.
De weg naar het WMC kost energie en vraagt best wat van je. Vakantie plan je eromheen en je zit een tijd vast aan repetities en concerten. Dat betekent soms keuzes maken thuis of op andere vlakken. Maar eerlijk: het is het dubbel en dwars waard. De band onderling met je medemuzikanten wordt alleen maar sterker.
Voor mij is het extra bijzonder omdat ik samen met mijn broer en zusje in het orkest speel (it’s a family affair ). Mijn zusje en ik zitten/ spelen zelfs naast elkaar en ook een van mijn beste vriendinnen Esther speelt mee op fluit. Samen vormen we een soort van 3 musketiers ( a.k.a. “the Sjwesthere”) De weg naar het WMC hebben wij letterlijk samen afgelegd. We carpoolen samen naar alle concerten en maken er halve roadtrips van. Op de terugweg wordt er gelachen, “gerauweld” en natuurlijk alles nog even uitgebreid geanalyseerd.
Als ik het WMC moet uitleggen, vergelijk ik het altijd met het WK voetbal — maar dan voor blaasmuziek. Je werkt maanden toe naar dat ene moment. Geen poulefase, geen herkansing: één kans en dan moet alles kloppen.
Mensen beseffen vaak niet hoeveel uren en repetities er gaan zitten in het voorbereiden van vier stukken. Je hoopt dan ook dat op het moment dat je dat podium oploopt, alles samenvalt.
Waar ik het meeste naar uitkijk? De laatste weken. Het finetunen, het perfectioneren en horen hoe we muzikaal blijven groeien. En natuurlijk het ultieme moment: onze deelname op 1 augustus. Dan gaan we knallen! En na afloop… sowieso met z’n allen een heerlijk feestje op de markt .